Interview NeurOp: “Inzet kunstmatige intelligentie in huurincasso maakt maatwerk op grote schaal mogelijk”

Op 17 april 2018 vindt alweer het derde Huurincasso Congres plaats in het Spant! te Bussum. Het congres staat geheel in het teken van ketensamenwerking, waarbij onderwerpen als vroegsignalering, gemeentelijke convenanten, privacy (AVG) en uiteraard (huur)Incasso de revue zullen passeren. Het Huurincasso Congres wordt financieel mogelijk gemaakt door de partners, waaronder NeurOp. Voor dit artikel hebben we NeurOp  vijf vragen gesteld inzake hun activiteiten en dienstverlening met betrekking tot huurincasso en ketensamenwerking.

Welke producten en/of diensten levert jullie organisatie om het huurincassoproces binnen de corporatiesector te verbeteren?

NeurOp: “NeurOp levert neurale oplossingen (kunstmatige intelligentie modellen) aan bedrijven die zelf niet over deze expertise beschikken, maar er wel hun voordeel mee kunnen doen. Voor credit management kennen we diverse   toepassingen voor procesoptimalisatie, zoals vroegsignalering van probleemschulden.

Kun je een concreet voorbeeld van een case geven waarin jullie organisatie aantoonbaar heeft bijgedragen om het huurincassoproces te optimaliseren?

NeurOp: “Ja en nee. Voor een grote hypotheekportefeuille hebben we een maatwerk oplossing gemaakt, die bij late betaling nauwkeurig voorspelt of de achterstand op zal lopen tot meer dan 6 maanden of niet. Onze klant kan hierdoor de beschikbare capaciteit effectiever op diverse groepen  laatbetalers inzetten en zo proactief en vroegtijdig bijdragen  om escalatie van betalingsproblemen te voorkomen. Anderzijds is het mogelijk om in gevallen waarvan je weet dat de kans op snelle betaling groot isflexibeler te zijn als het gaat om bijvoorbeeld een betalingsregeling. Gegeven de overeenkomsten tussen hypotheek en huur, zijn wij ervan overtuigd dat we vergelijkbare resultaten kunnen realiseren voor woningcorporaties.

Het Huurincasso Congres 2018 staat in het teken van het thema ketensamenwerking met als doel het voorkomen van problematische schulden. Wat is jullie visie op dit thema?

NeurOp: “In één woord: Vroegsignalering. Wanneer betalingsproblemen (te) groot zijn geworden, is het eigenlijk al te laat. De huurder is dan nauwelijks (meer) aanspreekbaar en  betalingsproblemen zijn alleen nog met tijdrovende inspanningen en kostbare inzet van schaarse middelen op te lossen . Als het gesprek met de huurder wordt aangegaan zodra de eerste betalingsproblemen zich openbaren, zijn er nog volop mogelijkheden om te voorkomen dat de problemen escaleren.  We vinden het mooi om op dit gebied innovatieve oplossingen te kunnen introduceren.

Welke trends en ontwikkelingen zien jullie voor de nabije toekomst met betrekking tot huurincasso?

NeurOp: “De inzet van kunstmatige intelligentie in het huurincasso proces maakt maatwerk op grote schaal mogelijk en daarmee ook  klantgericht incasseren. Het incassoproces wordt daardoor effectiever en efficiënter, terwijl de debiteur/huurder een meer persoonlijke benadering ervaart.

Welke tips hebben jullie voor de bezoekers van het Huurincasso Congres?

NeurOp: “Verdiep je in de mogelijkheden en onmogelijkheden van kunstmatige intelligentie ter verbetering van het huurincassoproces. Met deze techniek kun je efficiënter werken en tegelijkertijd klantgerichter omgaan met kwetsbare huurders.

NeurOp is als partner aanwezig op het Huurincasso Congres 2018 op dindag 17 april aanstaande in het Spant! te Bussum. Kijk voor meer informatie op www.huurincasso-congres.nl

Bron: Credit Expo / Huurincasso Congres / NeurOp

Incassobureau zonder winstoogmerk: Faircasso wil markt veranderen

Een incassobureau met een geweten. Het lijkt geen voor de hand liggende combinatie, maar toch probeert Faircasso precies dát te zijn. „De traditionele werkwijze van incassobureaus past niet bij de huidige tijd; bij de crisis waar we net uitkomen en onderwaterhypotheken”, vinden oprichters Jeroen van Amerongen en Jaime Jorba Bos.

De ondernemers, die beiden afkomstig zijn uit de traditionele incassowereld, proberen sinds begin 2014 de markt op te schudden met hun non-profit incassobureau.

Het belangrijkste verschil met andere incasso-organisaties is de manier waarop Faircasso debiteuren benaderd, legt Van Amerongen uit. „Wij proberen mensen met schulden de helpende hand te bieden in plaats van de druk op te voeren.” Dat uit zich niet alleen in de manier van communiceren in brieven en mails die het bedrijf verstuurt maar ook in het huisbezoek dat standaard wordt afgelegd.

„Door onze klanten persoonlijk te benaderen kunnen we makkelijker op de specifieke situatie inspringen”, aldus Van Amerongen. „Ook bij ons is de belangrijkste prioriteit natuurlijk dat de schuld betaald wordt, maar als dat niet kan dan treffen we een betalingsregeling met de debiteur. En die is niet standaard drie maanden maar afhankelijk van de situatie.”

Ook linkt het bedrijf schuldenaren indien nodig aan een ‘budgetmaatje’ of de schuldhulpverlening. „Faircasso gaat voor het oplossen van alle schulden van de cliënt. We nemen mensen bij de hand. Er is bijna altijd een oplossing mogelijk.”

De manier van werken van Faircasso kost aanzienlijk meer tijd dan die van traditionele incassobureaus. „Maar klanten besparen door ons in te schakelen aanzienlijk op gerechtelijke kosten”, vertelt Van Amerongen. „Van de honderd dossiers gaan er normaal gemiddeld tien naar de deurwaarder, bij ons zijn dat er minder dan vijf. Ons rendement is uiteindelijk beter, niet alleen op financieel maar ook op menselijk vlak.”

Lachend: „Onze manier van werken is eigenlijk voor alle partijen interessant, behalve voor de uitvoerder; voor ons dus. Vandaar dat we ook geen winstoogmerk hebben. Anders zou deze manier van werken niet te bolwerken zijn.”

Bron: De Telegraaf

Column Hugo Priemus – Huurincasso; sociale huursector op drift

Huurincasso is nauw verweven met schulden op verschillende terreinen en schuldhulpverlening. Het kernprobleem kan een tekortschietend huishoudeninkomen zijn en/of een onbeheerst uitgavenpatroon: gokschulden, kosten van verslaving, leven op te grote voet. Vooral plotselinge veranderingen van inkomen en/of uitgaven kunnen de burgers voor problemen plaatsen.

In mijn inleiding leg ik vooral het verband tussen inkomen en uitgaven aan het wonen en energie. Het beleid van het kabinet-Rutte II heeft voor vele huishoudens de financiële problemen vergroot. Gemiddeld konden bewoner-eigenaren hun positie verbeteren dankzij de extreem lage hypotheekrente. Veel minder huizen kwamen onder water te staan. Sinds 2013 neemt de hypotheekschuld weer toe. In de koopsector dreigen weer overmoed en overoptimisme.

De lasten van de financieel-economische crisis zijn in het woondomein vooral sinds 2013 bijna geheel door de huurders gedragen.  De verhuurderheffing geldt uitsluitend voor eigenaren van woningen met een gereguleerde huur. Alleen al in 2013 ging de huur in de corporatiesector met gemiddeld 5% omhoog, terwijl de inkomens van de huurders daalden, niet alleen door de crisis, maar ook door de selectieve uitstroom van middengroepen uit de sociale huursector.

Sinds 2013 worden de kosten van de verhuurderheffing (€ 1,7 miljard op jaarbasis in 2017) bijna geheel afgewenteld op de bewoners van woningen met een gereguleerde huur.

Gelukkig werden de budgetten voor de huurtoeslag wel elk jaar opgehoogd om het toenemend beroep op deze subsidie bij te benen, maar de huurtoeslagtabellen werden niet verbeterd. Het aantal huurders onder de armoedegrens steeg in woningen met een gereguleerde huur in korte tijd van 700.000 tot meer dan 800.000. De energiekosten stegen sinds 2008 eveneens, maar sinds 2013 trad hierin een zekere stabilisering op. Sommige huurders met een laag inkomen profiteren misschien nog van een matige huur, maar verbruiken zoveel gas en elektriciteit door hun gedrag en door de slechte energetische kwaliteit van de woning, dat vooral de energie-uitgaven bij hen de das omdoen.

Het gevolg van de extreme huurverhogingen in combinatie met stagnerende inkomens is dat de voorraad huurwoningen steeds duurder is geworden. Het aantal woningen met een huur boven de liberalisatiegrens (€ 710 per maand) verdubbelde in enkele jaren. Ook het aantal woningen met een huur tussen aftoppingsgrens (€ 580/€ 620 per maand) en liberalisatiegrens is de laatste jaren geëxplodeerd. Dit was voor het kabinet-Rutte II aanleiding om per 1 januari 2016 de zogeheten passendheidstoets te introduceren. Dit houdt in dat aan huishoudens die voor huurtoeslag in aanmerking komen, voor tenminste 95% van de gevallen een woning moet worden aangeboden met een huur beneden de aftoppingsgrens. Dit vergroot de druk op de woningvoorraad met een huur lager dan € 580 tot € 620 per maand aanzienlijk.

Tijdens het Huurincasso Congres 2017 zal de vraag centraal staan hoe de actuele betaalbaarheidsproblemen van huurders kunnen worden opgelost en welke gevolgen dit heeft voor de huurincasso-praktijk. Het is echter niet verkeerd als we ook stilstaan bij de vraag hoe de oorzaken van deze problemen, die samenhangen met marktfalen en beleidsfalen, kunnen worden aangepakt.

Al met al heeft het woon-en energiebeleid van het kabinet-Rutte II de betalingsproblemen en de schulden bij huurders sterk vergroot.

Hugo Priemus is emiritus hoogleraar Systeeminnovatie Ruimtelijke Ontwikkeling aan de TU Delft en directeur van Priemus Onderzoek en Advies. Hij zal tijdens het Huurincasso Congres 2017 op 28 maart aanstaande de opening keynote verzorgen. Ga voor meer informatie naar: www.huurincasso-congres.nl

hugo_priemus-210

Hugo Priemus

Bron: Hugo Priemus

Urgentie huisvesting statushouders blijft hoog

Gemeenten moeten in de eerste helft van 2017 voor 13.000 statushouders huisvesting regelen. Dit is lager dan in de afgelopen periode en betreft voornamelijk nareizigers.

De taakstelling voor huisvesting van vergunninghouders voor de eerste helft van 2017 is op 30 september gepubliceerd in de Staatscourant. De VNG geeft aan dat de nieuwe taakstelling de gemeenten lucht geeft, maar dat er desondanks nog steeds een enorme opgave ligt.

Naast de nieuwe taakstelling, zitten nog 15.000 statushouders in de AZC’s te wachten op huisvesting. Dit betekent dat in totaal er 28.000 statushouders moeten worden gehuisvest.

De afgelopen periode hebben gemeenten een aanzienlijk tempo ontwikkeld in het huisvesten van statushouders. Het is nu zaak dit tempo aan te houden, zodat ook deze taakstelling gerealiseerd kan worden. Dit bevordert de kans op succesvolle integratie en participatie.

Brief

De gemeenten ontvangen volgende week een brief van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties met een toelichting op de nieuwe taakstelling.

Bron: VNG